Van Kanchanaburi ben ik met de locale bus naar Ayutthaya gegaan, wat me altijd een ontzettend goed gevoel geeft. Ik vind het verschrikkelijk om een van alle andere toeristen te zijn. Vind het veel leuker om de enige toerist tussen allemaal locals te zijn en wat mee te krijgen van het échte leven hier.

Ayutthaya, aka, de verloren stad, is bekend om alle ruïnes van tempels die verspreid over de stad liggen. De Birmezen hebben meerdere keren geprobeerd Thailand binnen te vallen en delen hiervan over te nemen. Daarbij staken ze tempels in brand en vernielden ze zoveel als ze konden. Wat ik eerlijk gezegd raar vind, aangezien Burma het meest boeddhistische land is van heel Zuid-Oost-Azië, maar dan toch boeddhistische tempels vernielen, hoofden van Boeddha’s afhakken en ze in brand steken. Lijkt mij toch dat de boeddha’s voor de Birmezen ook gewoon heilig zijn. Anyway. Er zijn dus verschrikkelijk veel geruïneerde tempels in Ayutthaya die je kunt bezoeken. Je moet wel even Googlen welke jou aanspreken en voor jezelf een selectie maken van de meest interessante. Ze allemaal bezoeken gaat haast niet, zeker niet als je hier maar een paar dagen verblijft.

Je kan de tempels op verschillende manieren bezoeken, maar ik had, als echte Nederlander, ervoor gekozen om een fiets te huren. Dit is een stuk goedkoper dan een scooter (50 baht per dag) en aangezien de stad toch niet verschrikkelijk groot is, is het prima te doen op de fiets.

De eerste tempel die ik bezocht heette Wat Chai Yai Mongkhon. Er liepen hier redelijk wat monniken rond die op een gegeven moment ook een soort ritueel met bloemen uitvoerden boven een soort diepe put waar mensen muntjes in gooien. Er waren ook een aantal huisjes omheen gebouwd die niet voor toeristen waren en waar, denk ik, de monniken wonen. Deze ruïne is niet zo erg beschadigd als sommige anderen en wordt dus ook nog steeds gebruikt als tempel.

De tweede tempel die ik bezocht was geen ruïne en een volledig in werking Chinees boeddhistische tempel. Er waren hier vrijwel geen andere toeristen en ik heb een heel indrukwekkend ritueel meegemaakt. Als je de tempel eerst in komt staan er een aantal kleinere Boeddha beelden, maar achterin de tempel, in een grote kamer staat een reusachtig gouden Boeddha beeld. Dit beeld was, schat ik, 10 meter hoog en ongeveer 5 meter breed. Op het moment dat ik hier aankwam, zaten er tientallen mensen op hun knieën voor dit beeld en was een Thaise man hele lange oranje doorzichtige doeken, waar ze soms Boeddha beelden mee aankleden, van achter de Boeddha, over de Boeddha heen naar de mensen aan het halen. Alle mensen die hier op hun knieën zaten kropen onder een doek en gaven het zo door naar achteren. Uiteindelijk zat iedereen dus in rijen onder een doek en ik deed natuurlijk ook mee. Er werd ongeveer een minuut lang door iemand in een microfoon gepraat (in het Thais) en hierna werden de doeken van achter de boeddha vandaan terug getrokken. Als laatst werd er ongeveer twee minuten lang steeds iets in de microfoon gezegd wat de mensen dan weer herhaalden. Een soort ‘chanting’ maar dan anders. Toen dit voorbij was gaven de mensen nog een laatste ‘Wai’, stonden op en liepen naar buiten alsof er niks was gebeurd. Ik weet helaas nog steeds niet wat voor ritueel dit precies was, maar het was erg bijzonder.

De derde en vierde tempel die ik bezocht waren erg vergelijkbaar. Dit waren Wat Maha That en Wat Ratchaburrana. Deze tempels waren vrijwel volledig vernield. Er waren nog wat stompjes en kleine gebouwen over en je kon nog steeds bij bepaalde gebouwen de trap oplopen, maar hier was het dan ook vrijwel vlak. Het bijzondere aan Wat Maha That is een zandstenen Boeddha hoofd dat honderden jaren geleden van het lijf af is gevallen en toen in de wortels van een boom is gegroeid. Erg bijzonder om te zien. Zeker omdat het van zulk kwetsbaar materiaal is gemaakt en nog steeds in zo’n goede staat is.

Wat Phra Si Sanphet en Wat Wihan Phra Mongkhon Bophit liggen vlak naast elkaar. Hier is ook een redelijk grote markt omheen gebouwd waar je doorheen moet lopen om bij de tempel te komen. Deze tempel heeft nog een aantal grotere pilaren/gebouwen staan, maar hier mag je absoluut niet op klimmen of in gaan. Ze zijn niet in een erg goede staat en zouden zo om kunnen vallen.

Als laatst heb ik Wat Wattanaram bezocht. Deze tempel wordt niet meer gebruikt en er is ook niet veel meer van over. Alle tempels zijn net wat anders en hebben net een ander verhaal. Ze zijn allemaal erg indrukwekkend om te bezoeken, maar om eerlijk te zijn had ik het na 5 ruïnes wel gezien.

Het was leuk om zelf anderhalve dag op de fiets door de stad heen te gaan en zo alles te zien. Is weer eens wat anders als lopend, met de scooter, openbaar vervoer of een taxi. Ik heb in Ayutthaya ook nog een olifantenplaats bezocht, waar je heen kunt gaan om olifantenritjes te maken. Ik heb dit natuurlijk zelf niet gedaan. Wat er met die olifanten wordt gedaan hier is te belachelijk voor woorden.

Ik heb in Ayutthaya in het beste hostel tot nu toe overnacht. Het zag er allemaal nog nieuw uit, lag naast een heel leuk cafeetje dat elke avond life muziek speelde, was leuk ingericht, had comfortabele bedden, ontzettend aardig personeel en goede Wifi. Het was prijzig (250Baht per nacht), maar wel een van de goedkoopste in Ayutthaya en het geld zeker waard. Als je ooit nog eens naar een hostel in Ayutthaya op zoek bent; Stockhome is zeker aan te raden!